// Je leest nu...

#biowijn

#Biowijn: deel III


Biowijn. Zolang het merkbaar lekkerder of beter is dan gewone wijn, wil een groep consumenten er best voor betalen. Maar ís biowijn lekkerder en beter dan gewone wijn? En beter, voor wat of wie? Voor mij, de portemonnee van de wijnproducent, het milieu? Of voor alle drie? Dat zijn vragen die ik probeer uit te pluizen in een aantal vinoblogs over #biowijn. Het derde deel van deze serie gaat over sulfiet en de toekomst van biowijn. Hier vind je deel I en deel II.

Op zoek naar de sulfietlimiet

Sulfiet is en blijft een omstreden onderwerp. Ook bij natuurlijke en biologische wijnen, waar de hoeveelheden zo laag mogelijk worden gehouden.

Hoeveel (toegevoegde) sulfiet mag een wijn hebben? Volgens de Europese wijnverordening uit 1999 mag voor rode wijn maximaal 160 milligram per liter worden gebruikt, voor witte  en rosé 210 milligram.  Er ligt EU regelgeving op de plank waarbij de maxima een stuk lager liggen: 60 milligram per liter rode wijn en 80 milligram voor witte en rosé. 

Nog steeds niet sluitend, vindt Tjitske Brouwer (@TjitskeBrouwer) – Magister Vini en eigenaar van Vinoblesse, gespecialiseerd in natuurlijke en biologische wijnen. “Er zijn bepaalde gebieden in Europa waar je meer dan 80 milligram nodig hebt. Dat is de makke van deze regelgeving. In de noordelijke gebieden heb je andere hoeveelheden nodig dan in de zuidelijke. Zo ontstaat er een ruime marge, waarmee het biologische aspect uit het oog verloren raakt.”

Hoe zit het eigenlijk met sulfiet? Bestaat er wijn zonder sulfiet? Tjitske legt uit: “Tijdens de alcoholische vergisting kunnen gistcellen sulfiet produceren. De meeste natuurlijke wijnen die zonder toegevoegde sulfiet zijn gemaakt, bevatten daarom toch tussen de 5 en maximaal 20 milligram sulfiet per liter. De keurmerken voor natuurlijke wijn in Frankrijk en Italië hanteren een maximum van 40 milligram per liter. Industrieel kunnen er ook gistcellen worden gemaakt die geen sulfiet produceren. Je kunt dus een wijn maken die helemaal geen sulfiet bevat. Maar wil je als wijnproducent voldoen aan het keurmerk van bijvoorbeeld Demeter, dan mag je dat type gistcellen niet gebruiken. Je moet met druifeigen gistcellen werken. Een echte bio-consument drinkt liever een wijn met 20 milligram sulfiet, dan een wijn gemaakt met industriële gistcellen.” 

Het Europese keurmerk voor biologische wijn waar ik het in blog II over had, kan de sulfietwaarden aan banden leggen. “Jammer dat dit keurmerk er nog niet is”, vindt Tjitske. “Nu mogen zowel wijnen gemaakt van biologische druiven als wijnen van niet-biologisch geteelde druiven evenveel sulfiet bevatten. Alleen voor natuurlijke wijnen met een privékeurmerk (Vinnatur, Demeter, Natur et Progrès) is een maximum gesteld aan de hoeveelheid sulfiet.”

In de zoektocht naar de ondergrens voor sulfiet kan het ook wel eens misgaan, zegt wijnjournalist en Bourgogne-kenner Gert Crum (@GertCrum). “Het is de afgelopen jaren veel fout gegaan met witte Bourgognes. Er waren wijnen bij die na 2 of 3 jaar al waren geoxideerd. Over de oorzaak is men het nog niet eens, maar één factor is een te lage hoeveelheid sulfiet in de wijnen.”

Over factors gesproken. Ik dacht altijd dat sulfiet vooral een hoofdpijnfactor was, maar het stofje heeft nog een ander vervelend bijeffect. Tjitske: “Net als tannine kan sulfiet een droog mondgevoel veroorzaken. Tannines binden je speeksel, waardoor je werkelijk minder speeksel in je mond krijgt. Sulfiet irriteert je smaakpapillen, waardoor ze een beetje dichtklappen. Je kunt dus minder goed proeven. Dat gebeurt overigens niet alleen bij sulfiet, maar ook bij andere oenologische hulpmiddelen zoals toegevoegde tannines en enzymen. De wijn komt minder puur over. Of dat ook minder lekker is? Tsja.” 

‘Bevat sulfiet’. Sinds 2005 staan die woorden op iedere fles wijn die 10 milligram sulfiet per liter of meer bevat. Toch blijft het vreemd dat de Europese regelgeving niet voorschrijft dat de exacte hoeveelheid sulfiet op het wijnetiket moet worden vermeld. “Of andere hulpstoffen, zoals dierlijke eiwitten om wijn te klaren”, voegt Tjitske eraan toe. “Ik vind dat raar. Op alle andere verpakte voedingsstoffen vind je die productinformatie wel.”

Bio = bio 

Waar de biologische vervaardiging van wijn tot enkele jaren terug een impliciete, liever verzwegen kwaliteit was, lopen producenten, importeurs en verkopers er nu uitbundig mee te koop. Biowijn is hot and happening. Volgens Tjitske zijn we zelfs al een fase verder. “De hype ligt achter ons. Biologische wijnproducenten zijn bezig zich een vaste plek in het wijndomein te verwerven. Toen ik in 2006 aan mijn scriptie Biologische wijn bestaat begon adviseerde mijn mentor dat ik beter niet kon beweren dat biologische wijn lekkerder is. ‘Iedereen lacht je uit’, zei hij. Toen werd er nog sceptisch tegen biologische wijn aangekeken. Dat is inmiddels veranderd. Bio is een verkoopargument. Maar wil je biologische wijn puur houden, dan denk ik dat het voor een nichemarkt behouden moet blijven. Voor de industriële productie van wijn geloof ik veel meer in een goed en betrouwbaar duurzaam keurmerk.”

Tjitske staat in ieder geval voor duidelijkheid. Wijnen die (omwille van marketing) als biologisch worden verkocht, maar die dat niet of slechts gedeeltelijk zijn, daar heeft ze geen goed woord voor over. “Je moet niet vergeten dat er in dit segment mensen zijn die heel bewust voor bio kiezen. Die mag je nóóit met een twijfelachtig product naar huis sturen. Als er bio op staat, dan moet het ook bio zijn.”

Waar naartoe met biowijn?

Over de toekomst van biowijn zijn Tjitske en Gert beiden positief onzeker. Tjitske: “Steeds meer wijnproducenten gaan natuurlijker werken. De consument vraagt daar ook om. En die vraag wordt denk ik alleen maar groter. Je ziet bijvoorbeeld steeds meer kwaliteitswijnen in natuurvoedingswinkels. We zitten middenin een grote ontwikkeling, denk ik. Maar waar het precies naartoe gaat, dat kan ik nog niet zeggen.”

“Kunnen we het ons blijven permitteren als consument en producent?”, vraagt Gert zich af. “Biologische wijnen zijn voor een deel luxegoederen. Als de bankencrisis is gecounterd en oorlogen en natuurrampen aan ons voorbij blijven gaan, dan ben ik positief over de inbedding van biologische wijn. Maar eerlijk gezegd weet ik het niet. Ik denk wel dat wijnproducenten uit dure wijngebieden zich alleen maar kunnen blijven profileren als ze doorgaan op deze weg; natuurlijk of biologisch, maar in ieder geval zorgvuldig.”

Zo sta ik met een verruimde blik onderaan de trap van mijn wijnkelder. Ik trek eens 10 willekeurige flessen uit het schap. En waarom verbaast het me opeens niet meer? Zeven van de 10 producenten doen iets met duurzame, biologische, natuurlijke of biologisch-dynamische wijnbouw. Voor een beter milieu, een betere kwaliteit wijn of een betere boterham; dat valt niet van de etiketten af te lezen. Maar het lijkt er op: biowijn is goed voor alles en iedereen.

In het vierde en voorlopig laatste deel van deze serie de lakmoesproef voor biowijn. In een blindproeverij met @WijngekTV (Sebastiaan Hahn) kijken we of bio- van niet-biowijn te onderscheiden is. Is er een duidelijk onderscheid te proeven? En zo ja, wat zijn dan die verschillen? We leggen de blindproeverij vast in een videoblog op www.wijngek.tv.

Discussion

3 Responses to “#Biowijn: deel III”

  1. Alhoewel ik zelf een voorstander ben van minimaal gebruik van sulfiet, en heb zelf ook een aantal sulfietvrije wijnen in mijn assortiment, maar is bio eigenlijk automatisch sulfietarm/-vrij? En waarom zou dat dan moeten?

    Want wijn maken helemaal zonder sulfiet is niet mogelijk, tenzij een ander conserveringsmiddel is toegevoegd. Tenzij de wijn helemaal steriel wordt gefilterd….maar of dat nou beter is?

    Daarnaast is in de biologische wijnen ook nog een hele waslijst van additieven en middelen toegestaan….die zou ik liever verboden zien worden. Of ten minste vermeld op het etiket. Dat die eiwitten er niet op staan is denk ik omdat ze wel gebruikt worden bij het maken van de wijn maar niet meer aanwezig zijn als hij gebotteld wordt?

    Verder is een m.i. kwalijke ontwikkeling dat er steeds meer “industriele” bio wijn komt, bv uit Chili. Een wijngaard van 1000 hectare die mechanisch bewerkt wordt, etc…dat is niet wat de bio filosofie voor ogen heeft volgens mij. En al helemaal niet duurzaam, wat de consument (ten onrechte!) automatisch met bio associeert).

    Overigens ben ik het niet eens met de intro zin: een steeds groter wordende groep wil bewust bio wijn, mits die ten minste even goed is. Al zal die gauw beter zijn is mijn ervaring….

    Posted by Arno Borsboom | 16. dec, 2011, 14:57
  2. Thanks Arno voor je reactie!

    Nee, biologische wijn betekent zeker niet altijd minder sulfiet. Het biologisch telen van de druiven is 1 (belangrijk) deel van het proces, maar in de kelder kan er – zoals je zelf al opmerkt – nog van alles aan het druivensap worden toegevoegd. Denk wel dat een wijnboer die in de wijngaard probeert goed en puur fruit te kweken in de kelder niet snel geneigd is met allerlei kunstmatige hulpstoffen te gaan slingeren. Maar er zullen er best een hoop zijn die dat tóch doen, bijvoorbeeld als compensatie voor een tegenvallende oogst.

    Of het beeld van Chili zo zwart/wit is als jij het stelt, waag ik te betwijfelen. 1000 hectare met de hand bewerken is ook geen optie. Oké, wel goed voor de werkgelegenheid. :) Er worden iig stappen gezet, ook wbt irrigatie. Maar hoe goed/slecht het daar gaat met biologische wijnbouw: geen idee. Zorgwekkender is dat die wijnen vervolgens in bulk de wereld over worden verscheept. Hoe duurzaam is dat? Wat dat betreft zouden we alleen Regent uit Nederland moeten drinken. 😉

    Maar dan de realiteit: de gemiddelde wijnconsument in Nederland kiest toch voor die Chileen van < 5 euri (bio of niet) en niet voor de zorgvuldig geproduceerde kwaliteitswijn die jij verkoopt. Maw: er is markt voor. Wbt je laatste opmerking: je hebt het dan over je eigen klantenkring. Maar vergeet niet dat er een groeiende groep consumenten is die bio koopt vanuit een (latente) milieu/duurzaamheidsgedachte. Kijk maar eens naar het uitdijende bio-assortiment in de supermarkt! Dat zijn niet per se mensen (of juist niet?) die bewust kiezen voor kwaliteitswijn. Ciao! Rienk

    Posted by Rienk | 17. dec, 2011, 00:00
  3. Hoi Rienk,

    Ik ben het met de strekking van je stuk en reactie op zich eens, hoor! En ook van dat transport vanuit de Nieuwe Wereld vraag ik me af of dat zo duurzaam is.

    Ik weet niet of het onmogelijk is om een wijngaard van 1000 ha met de hand te bewerken. de vraag is of we zulke grote wijngaarden moeten willen hebben. Biologisch als filosofie gaat uit van het telen van voedselgewassen in een zo natuurgetrouwe’ situatie, zodat er langdurig zonder grote schade voor landschap en direkte omgeving voedsel verbouwd kan worden (letterlijk wat duurzaam betekent). Waarbij gebruik van kunstmatige middelen vermeden dient, maar bv ook het creëren van monoculturen. Die overigens vaal de noodzaak zijn van al die bestrijdingsmiddelen, in een kleinschalige en afwisselende landbouw komen veel minder ziekten en plagen voor.
    Ik vraag me dus af in hoeverre die industriële bio wijn nog bio zou mogen heten.

    wbt je laatste opmerking: ik bedoel juist niet mijn eigen klantenkring. Die kopen vooral mijn wijn vanwege de kwaliteit, en is dat het bio of BD is evt. mooi meegenomen. Ik bedoel juist wat je zegt, dat er mensen zijn die vanuit een duurzaamheidsgedachte bewust bio kopen, ook als als deze niet beter is (dus itt je eerste zin in je artikel)….

    Groet, Arno

    Posted by Piemonte Import | 19. dec, 2011, 16:02

Post a comment

Vinoblog Twitter