// Je leest nu...

Nieuws

Likkebaarden op de flanken van de Etna

etnaEen flinke klodder schoenpoets, klevend aan de punt van de laars. Dat is Sicilië.

Een wonderschoon eiland ook. De warmte, maar ook de verkoeling van de omringende zeeën, de hoogteverschillen, de vulkanische bodem van de Etna; Sicilië biedt omstandigheden, ideaal voor zowel lokale druivensoorten (grillo, catarratto, carricante, nero d’avola, nerello mascalese, nerello cappuccio) als internationale (chardonnay, pinot grigio, cabernet sauvignon, merlot). Wat talloze fantastische wijnen oplevert.

Parels voor de zwijnen. Want weet u nog, Sicilië is ook het eiland van la Cosa Nostra. De maffiatak die haar zwaar bewapende vleugels begin vorige eeuw breed uitsloeg. Dat leverde veel bloedvergieten op (en een prachtige Godfather sequal). Als hardwerkende wijnboer draag je liever niet dezelfde achternaam als een van de beruchtste mafia familia in New York, kan ik me voorstellen.

Dan kun je de aandacht maar beter afleiden. Met goede wijn. En dat is wat de familie Gambino maakt. Wijnen die hoofdzakelijk bestaan uit Siciliaanse druivensoorten.

Zoals de witte Sicilia Bianco ‘Feud ‘O’ 2013, een verbond tussen grillo en carricante. Levert een bleekgele wijn op met een lichtgroene glans. Ruikt naar zuurtjes. Het soort waarvan het glazuur van je tanden springt. Snoep dus, met een tropische fruitsmaak: ananas, wat banaan. Citrus ook. Vrij expliciet.

Dat feestje viert de wijn ook in de mond. Lijkt wel Club Tropicana. Toch is er meer dan verleidelijk en uitbundig fruit. Wie dieper graaft komt een prachtige ingeweven mineraliteit tegen, fijne maar duidelijk aanwezige zuren en een (archetypisch) Italiaans bittertje rondom de afdronk. Club Tropicana sluit niet voor zonsopgang. De afdronk is lang en plezierig.

De  Sicilia Rosso ‘Cantari’ 2012 is ook een verleider. Al wil ik deze nero d’avola zeker niet als snoepgoed wegzetten. Het zijn de creamy vanilletonen die je om de vinger proberen te winden. Een effect van 9 maanden rijping op (vers getoast?) eiken. Het is een geur die het geasfalteerde kersenfruit, de droppigheid en het zoethout stevig omlijst. Gelukkig laat nero d’avola zich niet makkelijk ondersneeuwen door enthousiast houtgebruik. De druif laat genoeg van zichzelf zien om indruk te maken. Vooral op het einde, waar het smaakverhaal werkelijk heerlijk eindigt. Daar laat de wijn precies genoeg zuur, bitters, asfalt en in vanille gedompeld fruit zien, om er een traantje van geluk bij te laten.

Kortom.

De witte Feud ‘O Bianco is niet mijn eerste keuze. Kan me voorstellen dat veel mensen houden van een uitbundige tropisch fruit traktatie, ik mis toch wat moeder natuur. Het is wel een goed gemaakte en vooral attractieve wijn.

De ‘Cantari’ heeft veel ‘Sicilië op z’n best’ onder de kurk. Is nu al heerlijk, maar als de houttonen over een jaar (of twee) verder zijn opgenomen, dan probeer ik ’em graag nog eens terug. Dan likkebaardend.

Score?

Goormatig sapje – doe nog maar een glas – ben ff naar de wijnhandel – alleen stilte is gepast

Te koop bij: Amesi

Discussion

No comments yet.

Post a comment

Vinoblog Twitter